Cultuur In Beeld zoekt medewerker voor sponsoring te werven.
Hoge vergoeding. Als vrijwilliger of freelance vertegenwoordiger.

Interesse? mail naar: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Vermelding: t.a.v. CIB dienst werking.

14 november, de sterfdag van Jan de Lichte.

b_450_300_16777215_00_images_artikelfotos_november2017_JANDELICHTE-ontwerp.jpg

Jan de Lichte heeft de gemoederen altijd weten te beroeren. Zelfs een schrijver als Louis Paul Boon en de kunstenaar Roel D'Haese.

Jan de Lichte werd in 1723 geboren in het marginale gezin van Judocus (of Joseph) de Lichte en Elisabeth de Schepper. Zijn ouders waren toen al op middelbare leeftijd. Voor hun levensonderhoud dienden zij een beroep te doen op de Tafel van de Heilige Geest, het armenbestuur. Jans ouders en andere familieleden, zoals zijn oudere broer Pieter de Lichte en zijn oom Joannes de Schepper, liepen veroordelingen op wegens diefstal.

Jan was een snoever, driftig en belust op bravoure. Vermoedelijk als uitweg uit de armoede nam de jonge Jan dienst in het Oostenrijkse, vervolgens het Hollandse leger, om telkens kort daarop te deserteren. In 1740 pleegde hij zijn eerste diefstallen in Dikkele en Strijpen. Al gauw trok hij op met andere armoedzaaiers en landlopers, die men overal langs Vlaamse wegen tegenkwam.

In 1743 werd de eerste geweldpleging van Jan de Lichte genoteerd, toen hij met een pistool op bedevaarders aan de kapel van Onze-Lieve-Vrouw van Deinsbeke (Zottegem) schoot.

Ten gevolge van de Oostenrijkse successieoorlog vielen in 1745 de Franse troepen de Oostenrijkse Nederlanden binnen. Het Land van Aalst had toen ongeveer 125.000 inwoners. Plots moest het de 52.000 soldaten van het Franse leger voeden. De levensomstandigheden werden hierna nog harder.

De "bende" was geen gestructureerde organisatie, maar een los-vast samenwerkingsverband van rabauwen, zigeuners en andere klassenlozen die nu eens met de ene, dan weer met de andere een slag sloegen. De rondtrekkende dieven stalen in afgelegen hoeves, in windmolens, smidsen, kortom bij de gewone man. De buit bestond vooral uit kleding, die werd doorverkocht aan helers, en voedingswaren voor eigen gebruik. Geld werd er nauwelijks buitgemaakt: dat was er niet te vinden. De heroïek was doorgaans ver te zoeken: Jan de Lichte en zijn kornuiten werden bijvoorbeeld in 1747 bij een poging tot roofoverval met succes verjaagd.

Er waren verschillende kernen actief. De echt zware jongens zaten in de groep van Jan de Lichte. Deze opereerde vooral in de streek tussen Zottegem en Geraardsbergen en was vooral actief vanaf 1747. Er is in de historische bronnen geen indicatie dat Jan de Lichte echt de leider was over dit zootje ongeregeld. De bandieten hielden zich schuil in oorden als het Raspaillebos en maakten hun buit te gelde in herbergen als De Honger in Sint-Maria-Oudenhove en De Paling in Aspelare. Tussen elkaar ontstonden er echter dikwijls conflicten, over de verdeling van de buit of over de aanspraken op de vrouwen waar ze ongehuwd mee samenwoonden.

b_450_300_16777215_00_images_artikelfotos_november2017_14-jan-de-lichte.jpg

Een afschrikwekkend einde. De executie van Jan de Lichte gebeurde op de Grote Markt van Aalst. Na de val van Maastricht (7 mei 1748) kwam er een wapenstilstand in de Oostenrijkse Successieoorlog, waardoor de Franse bezettingsmacht zijn aandacht kon richten op de brigands die het land onveilig maakten. Op 28 september 1748 werd een klopjacht georganiseerd waarbij alle inwoners van de kasselrijen Kortrijk, Aalst, Dendermonde en Oudenaarde werden opgeroepen om iedereen zonder geldige papieren of vaste verblijfplaats op te pakken. Circa 130 personen werden opgepakt. Sommigen werden opgesloten in het Belfort van Aalst, maar wegens het grote aantal van de arrestanten werden er ook gevangengezet in de lokalen van de rederijkers van Sint-Barbara en Sint-Catharina.

Van 7 oktober tot 14 december 1748 werden iets meer dan 100 personen veroordeeld. De straffen werden dezelfde dag of daags nadien uitgevoerd.

Op 14 november 1748 om half twaalf werd Jan de Lichte door radbraken geëxecuteerd. Deze wrede straf, weinig gezien in de Nederlanden, was bedoeld om de veroordeelde elke kans op opstanding op de Dag des Oordeels te ontnemen. Vier andere moordenaars (Simon Ysenbaert, Lieven Faviel, Augustijn Hendricx, Jan de Priester) ondergingen hetzelfde lot. 17 anderen werden opgehangen. De vrouwen en helers werden doorgaans gegeseld en verbannen. 11 bendeleden die tijdig hadden te weten ontkomen, werden bij verstek ter dood veroordeeld.

Louis Paul Boon gebruikte in zijn roman De bende van Jan de Lichte (1957) elementen van de schelmenroman, maar in zijn versie wordt Jan de Lichte in plaats van een ordinaire bandiet tot een idealist, een anarchist of vrijheidsstrijder, die het niet enkel gemunt heeft op de Franse bezetters, maar een revolutie van de klassenlozen tegen de gevestigde orde wil ontketenen. Deze versie had zodanig succes dat er een vervolg kwam (De zoon van Jan de Lichte). Het boek werd bewerkt tot onder meer een toneelstuk door Pieter de Prins, een musical door Wim De Craene en een stripreeks door Nagel. Deze romantische voorstelling bezorgde hem de bijnaam "de Vlaamse Robin Hood."

Historicus Danny Lamarcq schreef een meer bij de historische werkelijkheid aanleunende monoloog. Anton Cogen gebruikte fragmenten hiervan voor een scenario bij de Jan de Lichte-wandelroute tussen Velzeke en Zottegem.

Monument. Na de dood van Boon in 1979 wilde het Louis Paul Boon-genootschap een hommage voor de schrijver en gaf de opdracht aan kunstenaar Roel D'Haese een standbeeld te maken. In plaats van een beeld van de schrijver maakte deze echter een drie meter hoog beeld van Jan de Lichte, het hoofdpersonage van naar zijn opvatting de belangrijkste roman van Boon.

Het was de bedoeling van Roel D'Haese en Hugo Claus dat dit standbeeld op de Grote Markt van Aalst terechtkwam, op de plaats van het beeld van Dirk Martens, werd verteld. De Aalsterse gemeenteraad zag een dergelijke eerbetoon voor een misdadiger echter niet zitten. Het beeld werd aangeboden aan Zottegem, met de bedoeling het in Jan de Lichtes geboorteplaats Velzeke te plaatsen. Om dezelfde redenen als in Aalst werd het beeld hier ook afgewezen. Ten slotte kwam het beeld terecht in het Middelheimpark. Sinds eind 2009 staat het beeld aan het nieuwe Antwerpse gerechtsgebouw.

En in de Denderstreek, het Land van Aalst, leeft Jan de Lichte nog steeds verder.

(m. stAs) met dank aan Tom Houtman voor de tekening.

b_450_300_16777215_00_images_artikelfotos_november2017_14-jan-de-lichte1.JPG

 

 

 

Tags: Jan de Lichte

0
0
0
s2smodern